CASE: De publieksbeleving van David Weber-Krebs` The Guardians of Sleep

Auteur: Elisabeth Hirner, 2018

 

De theatermaker David Weber-Krebs had interesse in de publieksbeleving tijdens de opvoering van The Guardians of Sleep (2017) en was bereid om een meer experimentele vorm van documentatie uit te testen. Er werd geopteerd voor de methode van het ’free oral multi-perspective witness report’. Daarnaast werd een video over The Guardians of Sleep gemonteerd op basis van de captaties van de generale repetitie en twee opvoeringen. De documentatie van de publieksbeleving zal worden gebruikt voor (aanvullende) promotie en rapportering.

David Weber-Krebs ‘The Guardians of Sleep’ ©Luca Mattei

Bijhorende tool: Methode  ‘free oral multi-perspective witness report’

In het werk van David Weber-Krebs leiden onderzoeksprocessen tot experimentele performances, installaties en discursieve evenementen, en dit in samenwerking met theoretici en kunstenaars. In zijn performances verkent hij vaak de relatie en communicatie tussen kunstwerk en toeschouwer door speculatieve situaties te creëren. Hierdoor staan de toeschouwer en zijn belevenis in het centrum van de opvoering.

The Guardians of Sleep

Op 14 september 2017 ging de productie The Guardians of Sleep van David Weber-Krebs in première. Samen met zes performers (Julien Bruneau, Luanda Casella, Alondra Castellanos Arreola, Matthew Day, Zoë Demoustier, Irena Radmanovic), kostuumontwerper Anne-Catherine Kunz en lichtontwerpers Jan Fedinger en Martin Kaffarnik, produceerde hij in periodes tussen maart en september 2017 op verschillende locaties in België en Duitsland.

De toeschouwers worden in kleine groepen van maximaal zeven door een persoon in ontvangst genomen en in de theaterruimte geleid. In een soort “antichambre” met kledingrekken wordt hen verteld dat ze jassen, schoenen en tassen daar achter kunnen laten. Achter een doek staat een drietrappige tribune in de lengte van de zaal, bekleed met een lichtblauw tapijt, die aan de benedenzijde uitloopt in de speelplek of wat als de scène gezien kan worden. De persoon, die een performer blijkt te zijn, vraagt aan de groep plaats te nemen op de trappen van de tribune. De performer zoekt oogcontact met de toeschouwers van zijn of haar groep en begint een verhaal te vertellen vanuit een persoonlijk perspectief (over zijn/haar leven, familie, job, enz.) Tegelijk laat hij/zij al ‘swipend’ foto`s zien op een tablet. Wat er te zien is, wordt benoemd. Sommige foto`s worden met dezelfde namen benoemd (‘mijn kamer, mijn oma), sommige beelden hebben schijnbaar een connectie met het eerst vertelde verhaal, sommige ideeën en symbolen komen terug. Het tempo van het swipen neemt na een tijdje toe en wordt een soort ritme. De stemmen van de andere acteurs in de ruimte worden luider en vallen in hetzelfde ritme in. Op een moment stoppen alle acteurs met praten en bewegen zich weg van ‘hun’ groep, weg van de tribune naar de grond, de ‘scène’. Ze zoeken opnieuw oogcontact met de toeschouwers wanneer ze gaan liggen op het lichtblauwe tapijt. De zes acteurs liggen in verschillende houdingen, bv. met de armen wijd open en uitgestrekte benen of omgekeerd. Hun gezichten zijn naar de toeschouwers gedraaid. Na een paar minuten sluiten de acteurs hun ogen. De toeschouwers op de tribune kijken toe. Indien er iemand hoest of een hevigere beweging uitvoert, openen de acteurs hun ogen. Na een tijdje verandert een van de acteurs van houding. Het licht wordt bijna onmerkbaar donkerder. Er is bijna niets meer te zien. Plots is de lichtstemming felblauw. Sommige van de toeschouwers zijn gaan liggen of hebben zich uitgestrekt.

De conceptuele voorstelling draait rond vragen over verantwoordelijkheid, aandacht, intimiteit en prestatiedruk. Door het verhaal uit het “ik”-perspectief te vertellen en tegelijkertijd foto’s op een toestel te laten zien dat wordt geassocieerd met persoonlijk gebruik, spelen de acteurs met authenticiteit: zien we nu echt hun persoonlijke spullen, hun familieleden op de foto’s? Verhoudt het verhaal zich echt zo tot wat er te zien is? Wat is uitgevonden, waar is de grens? De toeschouwer komt in een vermeend direct contact met de acteur die hem binnen leidt, hij wordt aangesproken en hij komt ook fysiek heel dicht bij de acteur en de andere mensen in de groep. Deze situatie speelt zich ook in het gedeelte van de ruimte af dat traditioneel een plaats geeft aan de toeschouwers (de tribune). In het daaropvolgende deel wordt de ruimtelijke nabijheid opgeheven en de directe communicatie valt stil.

Uitdagingen voor een documentatie van The Guardians of Sleep

Het geënsceneerde gebeuren heeft bij Weber-Krebs’ stukken vaak de aanwezigheid van de toeschouwer[1] nodig om het potentieel van de conceptuele opzet bloot te leggen. De uitdaging voor de documentatie is dat het stuk zich alleen tijdens de voorstelling en in samenspel tussen het publiek en de acteurs kan ontplooien. Deze interactie zou ook in de documentatie aantoonbaar moeten zijn.

In het geval van The Guardians of Sleep worden de toeschouwers in zes groepen verdeeld die elk andere verhalen horen. Elke toeschouwer haalt gedachten en associaties uit zijn persoonlijk reservoir aan ervaringen aan en interpreteert bovendien wat zij beleeft op basis van wat de performer tijdens het eerste deel van de opvoering vertelde.

Om het radicaal samen te vatten: elke toeschouwer zal  uit de aangeboden zintuiglijke ervaringen een eigen ‘film’ in zijn hoofd zien passeren. Een documentatie van The Guardians of Sleep zou deze ervaring (ook) moeten opnemen om het potentieel van stuk te kunnen tonen.

Vooropgestelde doelen voor de documentatie

Een adequate vorm van documentering vinden voor een ‘podiumkunstwerk’, dat gebaseerd is op een concept waarin individuele beleving door toeschouwers centraal staat. Het was belangrijk een documentatievorm te vinden die kan laten aanvoelen hoe een mogelijke beleving van het stuk kan zijn, ook voor wie er geen opvoering heeft meegemaakt, zo als subsidiegevers en programmatoren.

Voor de documentatie van The Guardians of Sleep werd vandaar bijkomend aan een videocaptatie een test voor documentatie van publieksbeleving – de ‘audience witness report’ – uitgevoerd.

Het uitgeschreven concept van het ‘podiumkunstwerk’ in de subsidieaanvraag is eveneens een complementair onderdeel van de documentatie van het ‘podiumkunstwerk’ samen met de videocaptatie en de ‘audience witness reports’.

Bijkomende redenen voor het gebruik van de methode ‘audience witness report’:

  • Uit vroeger onderzoek naar deze methode[2] bleek onder meer dat de witnesses bijkomende informatie over de context van het stuk en de tijdsgeest kunnen leveren, die met een videocaptatie alleen niet gevangen kan worden, dus dat voor het doel van archivering belangrijke informatie over de context opgenomen worden. Het thema en de technologie (IPads) die in dit stuk gebruikt worden zijn contemporain, een verdere reden om deze methode voor de documentatie van dit stuk toe te passen.
  • Verder kunnen de publiekreacties in de toekomst – indien gewenst – voor promotie van het ‘podiumkunstwerk’, als ‘directe stem’ uit het publiek en om de relevantie ervan te onderstrepen, gebruikt worden.
  • Meer in het algemeen is het voor het werk dat David Weber-Krebs brengt, nuttig om een diverse waaier aan documentatiemethoden ter beschikking te hebben.

Gekozen methode: ‘free oral multi-perspective witness report’

Er bestaan tal van mogelijkheden om het publiek en zijn reacties te documenteren: door te rapporteren in mondelinge of schriftelijke vorm (vormen zijn video cued-recall (een confrontatie met een eerdere video opname van de interactie van de toeschouwer met het (podium)kunstwerk waar de toeschouwer zijn impressies over het te ziende spontaan weergeeft en weerom gefilmd wordt), semi-gestandaardiseerd interview, gestandaardiseerd questionnaire) of beeldmateriaal (foto’s, video’s, tekeningen) te laten genereren.

In deze casestudie werd de methode van de ‘free oral witness reports’ uitgetest om een aantal toeschouwers zelf aan het woord te laten komen. Daarbij beschrijven geselecteerde toeschouwers direct na de voorstelling hoe ze het stuk hebben ervaren. De lengte en vorm van de audio opname is vrij te bepalen.  De premisse was om hiermee de verbeelding in het hoofd van de toeschouwer te capteren. Hoe meer witnesses er worden bevraagd, des te beter kan men de verscheidenheid van die beleving aantonen.

Voor de doelstellingen uitsluitend door middel van ‘audience witness report’ te documenteren is onvoldoende en is het maken van een videocapatatie een noodzakelijke aanvulling.

Cinematograaf Luca Mattei bewoog zich tijdens de repetities en de eerste twee voorstellingen met een camera  in de theaterruimte. Voor de weergave op de website van Weber-Krebs werden verschillende shots gemonteerd en werd de duur van de performance ingekort tot 40 minuten. De beelden die vertoond werden op de IPads, zijn achteraf digitaal ingevoegd. De kunstenaar heeft alle opnames van de cinematograaf voor zijn eigen archief bijgehouden.

Het experiment met de ‘free oral witness reports’ is gebaseerd op een onderzoek van conservator Bruna Bütler[3]:

Voor de documentatie van de performance à condition d’être humain II van David Bonvin selecteerde ze witnesses op basis van hun “kijkervaring” en kennis van verschillende disciplines die grenzen aan performancekunst (theater, dans, kunstcommunicatie, kunstwetenschap en performancekunst zelf). Bütler had in haar kennissenkring bij 40 mensen gepolst en van hen wilden er acht deelnemen. Vier gaven na een week een schriftelijk rapport af en vier makten meteen na de voorstelling een mondelinge audio opname zonder met iemand anders over de voorstelling te praten. Hun opdracht was de performance te beschrijven voor een niet-geïnformeerde (fictieve) toehoorder. Verder kregen ze geen inhoudelijke of formele beperkingen. Het doel van het experiment – het uittesten van het informatiegehalte van deze vorm van documentatie – werd hen uitgelegd en ook dat ze waren gekozen op basis van hun professionele of persoonlijke achtergrond.

Op basis van die achtergrond gebruikten de getuigen specifieke terminologie. Door het expliciteren van hun associaties situeerden ze de performance bovendien in een bredere kunst- en maatschappelijke context. Ook achtergrondkennis over documentatie of archivering verhoogde de kwaliteit van de getuigenissen, omdat door die witnesses belangrijke informatie voor latere hernemingen benoemd werd. De mondelinge getuigenissen waren gedetailleerder en rijker aan informatie dan de schriftelijke die een week later werden ingeleverd. Naast de inhoud geeft ook de stem van de witness in de audio-opname informatie weer, die Bütler naar waarde schat.[4]

Toepassing voor The Guardians of Sleep

De begeleider van de documentatie was Elisabeth Hirner, auteur van dit stuk. Ze werkte in het verleden met David Weber-Krebs samen als productieleider en assistent. Ze heeft het creatieprocess van The Guardians of Sleep niet meer begeleid maar was wel aanwezig bij het ontstaan van het artistieke concept.

Gesprekken met Weber-Krebs leidden tot de (hoger vermelde) doelstellingen en de gekozen methode. De instelling waar de voorstellingen zouden plaatvinden, Kaaitheater Brussel, werd gevraagd of ze akkoord gingen met de documentering en of ze een aparte ruimte ter beschikking wilden stellen waar de witnesses hun audio opnames konden doen. De twee vragen werden positief beantwoord.

Het experiment was kleinschalig en werd met vijf witnesses uitgevoerd op twee dagen met in totaal drie voorstellingen. Na de generale repetitie werd een eerste opname met een gekozen witness uitgetest. Op 15 december 2017 werd de videocaptatie van de voorstellingen gemaakt. Op de tweede voorstellingsdag (16 december 2017) spraken telkens twee witnesses na de voorstellingen van 19 en 21 uur hun beschrijvingen in. Omwille van de beperkte beschikbaarheid van afgesloten ruimtes is het niet mogelijk om méér getuigenissen op te nemen.

Voor deze eerste test beslisten we de aanbeveling van archivaris Bruna Bütler te volgen en een deel van de witnesses vooraf te kiezen op basis van hun professioneel profiel: deze toeschouwers kwamen uit de kenniskring van de begeleider van dit experiment. Eén vrijwilliger werkt in kunstcommunicatie, één is choreograaf en danser, één werkt in de erfgoedsector met erfgoed van podiumkunsten. Elk van hen gaat geregeld naar voorstellingen kijken. Daarnaast was een doel van de test ook om op de avond zelf twee witnesses uit het publiek te kiezen en na te gaan op welke manier deze toevalsselectie de resultaten zal beinvloeden. Het was ook een wens van de kunstenaar om ‘stemmen’ uit het publiek te horen die anders niet worden opgenomen. We vroegen de toeschouwers die het vroegst in de Kaaistudio’s aanwezig waren of ze aan het experiment wilden deelnemen. Zij werkten toevallig ook in de podiumkunstensector, maar werden toch gekozen omdat er tijd vóór de voorstelling nodig was om de methode uit te leggen. De andere toeschouwers kwamen pas net vóór het begin van de voorstelling naar de foyer. Het experiment heeft aangetoond dat de methode sterk word gecompliceerd wanneer je het profiel van de toeschouwers niét op voorhand kiest.

De toeschouwers worden voor het begin van de voorstelling gevraagd of ze willen deelnemen en over de test geïnformeerd. Ze krijgen de mondelinge opdracht hun ervaringen tijdens het stuk uit hun persoonlijk perspectief te beschrijven – de nadruk ligt op beschrijven in plaats van te oordelen –  voor het doel van documentatie. De lengte en vorm is vrijblijvend. De gesproken taal kan bij deze test in Brussel uit Nederlands, Frans en Engels gekozen worden. Na de voorstelling worden ze door begeleider Elisabeth Hirner direct in een aparte ruimte geleid, zonder met iemand te praten, waar ze alleen hun beschrijvingen op een opneemapparaat registreren.

Protocol audience witness report:

stuk: The Guardians of Sleep (wereldpremière op 14/09/2017)

credits:
regie: David Weber-Krebs
performance: Julien Bruneau, Luanda Casella, Alondra Castellanos Arreola, Matthew Day, Zoë Demoustier, Irena Radmanovic
lichtontwerp: Jan Fedinger, Martin Kaffarnik
kostuums: Anne-Catherine Kunz
dramaturgisch advies: Sébastien Hendrickx, Lara Staal,
artistiek advies: Marie Urban
geluid: David Helbich
illustratie: Eva le Roi
productieleider: Leonie Persyn
productie:  Infinite Endings
co-productie: Kaaitheater, Kunstencentrum Buda, zeitraumexit.
Met de steun van de Vlaamse Overheid en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
Met dank aan Pianofabriek, Mimeopleiding Amsterdam.

plaats van de voorstellingen: grote zaal in de Kaaistudio’s, O.L.V. van Vaakstraat 81, 1000 Brussel, België; max. 42 toeschouwers per voorstelling

context: WE:SLEEP (programmafocus van Kaaitheater Brussel tussen 15 en 21/12/2017)

plaats witness reports: Kaaistudio’s dansstudio op de 3de verdieping en bureauruimte op de 4de verdieping

test tijdens generale repetitie op 14/12/2017:
1 ‘witness’:
‘XX’
achtergrond: kunstcommunicatie
lengte opname: 00:10:21
taal: EN

uitvoering tijdens de twee voorstellingen op 16/12/2017:
2 ‘witnesses’ bij de voorstelling om 19:00:
‘YY’
achtergrond: onderzoeker podiumkunsten
lengte opname 00:16:12
taal: NL

‘ZZ’
achtergrond: choreograaf en danser
lengte opname 00:08:51
taal: EN

2 witnesses bij de voorstelling 21:00:
WW’
achtergrond: dansdocent en -criticus
lengte opname: 00:05:40
taal: EN

‘VV’
achtergrond: danscriticus
lengte opname: 00:17:49
pauze tussen 12:44:00 tot 14:59:78
taal: NL

Analyse na de uitvoering van het experiment

De positie, onderzoeksvragen en keuzes van de begeleider of uitvoerder van de documentering moeten helder geëxpliciteerd worden. Zo was één van de achterliggende vragen bij dit experiment of het tijdstip van de voorstelling iets aan de perceptie van het stuk zou veranderen. Hetzelfde geldt voor de selectiecriteria of bepalende (toevals)factoren bij de keuze van de witnesses zouden vermeld moeten worden. Zo kunnen aan een voorstelling van The Guardians of Sleep maximaal 42 toeschouwers deelnemen en is de keuze alleen daardoor al beperkt.

Om willekeurig witnesses te kunnen kiezen is er een langere voorbereiding vereist: In samenwerking met het theater kan bijvoorbeeld bij de aankoop van een ticket al de vraag gesteld worden of de persoon bereid is deel te nemen. Dit vraagt een grote inspanning en planning van de begeleider van de documentatie. Een andere manier zou kunnen zijn om toeschouwers pas na de voorstelling te vragen of ze een getuigenis willen afleggen. Door een willekeurige keuze van de witnesses krijgt de documentatie een andere doelstelling en draagwijdte.

Als begeleider of uitvoerder van het experiment kon men in het geval van The Guardians of Sleep niet beïnvloeden in welke groep de gekozen mensen meeliepen (het kan gebeuren dat ze allemaal in dezelfde groep van zeven toeschouwers zitten) of in welke mate ze over de ruimte verspreid zaten (een stuk wordt soms helemaal anders onthaald, vanop de eerste of de laatste rij, aan de zijkant of in het midden). Hoe meer witnesses gekozen worden, hoe meer perspectieven aan bod kunnen komen. De omkadering van de getuigenissen moet zo nauwkeurig als mogelijk gedocumenteerd worden De motivatie en/of achtergrond van de witness, plaats, stuk en ook instructie wordt best in de audio-opname geïntegreerd en/of bij het audiodocument gearchiveerd.

Door de heel vrijblijvende vraag aan de witnesses om hun perceptie van het stuk te beschrijven en niet te oordelen, was het een verrassing hoe de vijf deelnemers dit invulden: ZZ beschreef heel nauwkeurig de technische elementen zoals licht en scenografie, wat voor een herneming een groot voordeel zou kunnen zijn. Ze gaf ook inzichten hoe ze de stemming in de ruimte en van andere toeschouwers waarnam.

WW maakte de verbinding met ander werk van Weber-Krebs en interpreteerde vooral, met weinig beschrijving. XX analyseerde in haar getuigenis vooral de structuur van het stuk en beschreef haar gedachten en gevoelens tijdens de ‘slaapfase’ in detail. Tegelijk bleef ze aan de oppervlakte bij het beschrijven van het eerste deel. Onder meer getuigde ze hoe haar aandacht werd  gestuurd tijdens de voorstelling. YY trachtte zijn eigen positie (ook letterlijk lichamelijk) transparant te maken en de beschreven emoties te omkaderen. In zijn getuigenis werden verbindingen met andere stukken (Jan Fabres Mount Olympus) en het programma WE:SLEEP aangehaald, alsook hedendaagse concepten zoals “fear of missing out”. Hij beschreef ook hoe een toeschouwer op het einde van de voorstelling over het podium liep om zo de ruimte te verlaten, wat de andere aanwezige witness niet opnam in haar getuigenis. VV interpreteerde en maakte de verbinding met de tijdsgeest. Hij beschreef de liggende lichamen heel nauwkeurig en nam de situatie op het einde van de voorstelling anders waar dan de vier andere witnesses.

Twee witnesses ervoeren het maken van de audio-opname, alleen in een afgezonderde ruimte na de voorstelling, als een beperking: Hun feedback was dat hun herinneringen en bedenkingen over het beleefde op een gegeven moment uitgeput waren en ze in een gesprekssituatie met anderen meer inhoud en informatie hadden kunnen geven. Dit staat in contrast met wat Bruna Bütler in haar experiment ervoer – hoe meer tijd de witnesses hadden (en daardoor kansen om met anderen over het belevenis te praten) om te getuigen, hoe minder uitgebreid de geleverde informatie was. Bijkomend kan gezegd worden dat het er bij de ‘free oral witness report’ niet erom gaat een volledige analyse van het stuk te maken, maar de belevenis van de individuele toeschouwer te documenteren. Deze hoeft niet volledig te zijn en mag ook tegenstrijdigheden bevatten.

Informatie die via de stem wordt overgebracht, omvat onder meer de leeftijdscategorie van de getuige, welke moedertaal ze waarschijnlijk spreekt of in welke emotionele toestand ze zich bevindt. VV klinkt bijvoorbeeld moe, zijn stem wordt altijd stiller tijdens de opname. ZZ lacht tussen haar opmerkingen door, het klinkt alsof ze zich schaamt voor sommige uitspraken. Het is dus sterk aanbevolen niet alleen de transcriptie van de getuigenissen bij te houden maar ook de audiofiles zelf te archiveren, omdat deze nog bijkomende informatie bevatten (voor archivering, zie het platform TRACKS. Maar metadata zoals de moedertaal en de leeftijd  kunnen best door de witnesses zelf op de fiche worden genoteerd.

Conclusie

Samengevat kan gesteld worden dat de vijf witnesses reports verschillende perspectieven en inzichten opleverden. Samen geven ze waardevolle inzichten in de beleving en interpretatie van de toeschouwer, documenteren ze technische en ruimtelijke informatie die (deels) niet met video gecapteerd kan worden en schetsen ze een ruimere context van de voorstelling. In het bijzonder over het gedrag van het publiek kan men uit de videocaptatie weinig informatie genereren: David Weber-Krebs vermeldde dit naderhand als een gemiste kans bij de video-opname (interview via skype op 08/02/18). De getuigenissen van YY en ZZ geven daarentegen een indruk van de sfeer tijdens de voorstelling.

De doelstelling om de getuigenissen voor externe communicatie te gebruiken is realiseerbaar mits bewerking. Delen uit de getuigenissen kunnen in schriftelijke of audiovorm via de website van Weber-Krebs openbaar gemaakt worden. Ze kunnen ook in een dossier over het stuk worden bijgevoegd. Daarvoor moeten de witnesses specifiek om toestemming gevraagd worden. Het wordt dus sterk aanbevolen de contactgegevens van de witnesses te documenteren en bij te houden.

[1] In Tonight, Lights Out! bepalen de toeschouwers hoe lang de voorstelling duurt en in Balthazar staat en ongetrainde ezel op scene die geen onderscheid maakt tussen uitingen van het publiek of van de acteurs en zo illustreert dat hij niet gecontroleerd kan worden.
[2] Bütler, Bruna: Bericht aus dem Publikum. Eine Untersuchung zur Dokumentation von Performancekunst mittels multiperspektivischem Zeugenbericht. Niet gepubliceerde Master thesis: Hochschule der Künste Bern, 2014.
[3] Bütler, Bruna: zie boven.
[4] Bütler, Bruna: p. 84.